|
|
|
U bent nu in het
Home
|
INFO PROFESSIONALS Menu:
FEITEN en FABELS Lees eerst de informatie over latex dan verder naar publicaties |
Meer Informatie...Voor U gelezen! INHOUD van de pagina:
|
||||||
|
|
||||||||
|
||||||||
![]() |
![]() |
|
| Jeukende bulten die snel opkomen na het aantrekken van latexhandschoenen: de handtekening van latexallergie... | Chronisch eczeem, door irritatie of door contactallergie op de additieven in de handschoenen. Dit berust niet op latexallergie. |
Latex, het melkachtig sap van de rubberboom, is de basis van natuurlijke rubber, de grondstof voor de productie van talloze artikelen zowel in huishoudelijk als medisch gebruik. In latex zitten rubberpartikels, maar ook bepaalde eiwitten (onder meer het heveïne). Aan deze latex worden chemicaliën toegevoegd (thiuram, mercaptanen, p-fenyleendiamine...) om het productieproces te versnellen en de rubber een grotere soepelheid, een grotere sterkte en een langere houdbaarheid te geven. Personen kunnen zowel voor de latexeiwitten als voor de chemicaliën allergisch worden.
Veel mensen hebben huidproblemen bij het dragen van rubberhandschoenen. Soms berust dit niet op een echte allergie, maar wel op een mechanische irritatie. Door het zweten van de handen ten gevolge van het afsluitend effect van de handschoenen en het schurend effect van het poeder ontstaat irritatie-eczeem ("irritant contact dermatitis"). Dit eczeem is klinisch niet te onderscheiden van allergisch contacteczeem (zie verder), maar men kan geen allergie aantonen met bijkomende huidtesten.
Allergisch contacteczeem
(ook vaak genoemd: "contactdermatitis") ontstaat door een allergie
voor de chemicaliën. Dit is een zogenaamde type IV-allergie, waarvan
nikkelallergie een ander, zeer frequent voorkomend voorbeeld is. Dit houdt
in dat enkele dagen na contact roodheid en jeuk op de handrug optreden, die
dagen aanhouden. Bij herhaald contact worden de handen roodschilferig, met
kloven (chronisch eczeem). Deze reacties blijven beperkt tot de handen
(soms al eens tot de onderarmen) en zijn op zich niet gevaarlijk.
Zij berusten niet op latexallergie. De diagnose wordt gesteld op basis van
epicutane testen, waarbij de dermatoloog onder lokale verbandjes op de rug
standaarddoses van de vernoemde additieven aanbrengt. Na meerdere dagen
treden lokale roodheid en jeuk op. De symptomen van dit type allergie,
eenmaal opgetreden, kunnen voorkomen worden door het gebruik van handschoenen
zonder de vernoemde chemicaliën. Dit zijn "hypoallergene"
handschoenen.
Minst frequent, maar potentieel veel ernstiger, zijn allergische reacties op de latexeiwitten. Het gaat hierbij om een type I-allergie waarbij er IgE-antistoffen tegen latex gevormd worden. Bij contact met latex treden onmiddellijk - dit is binnen de minuten - symptomen op. Bij huidcontact ontstaan onmiddellijk lokale jeukende papels, die soms veralgemeend kunnen zijn. Bij mucosaal contact treedt hooikoorts (niesbuien, tranende ogen) of astma (kortademigheid en piepen) op. Soms zijn er tekenen van veralgemeende reactie met syncope, darmkrampen, bloeddrukval.
Latexallergische personen kunnen,
behoudens door eigen gebruik van handschoenen, ook op andere manieren in contact
komen met latex. Bij aan- of uittrekken van gepoederde handschoenen worden
latexpartikels door rondstuivend poeder in de omgeving gebracht en kunnen zo
symptomen veroorzaakt worden bij personen op afstand. Ook bij
intraperitoneale blootstelling is er een kans op zware reacties.
Onvermoede latexallergie is de oorzaak van 12 % van de gevallen van
intraoperatieve anafylaxie.
Een andere presentatie van latexallergie is het latex-fruit-syndroom
dat bij ongeveer 25 % van de gesensibiliseerden voorkomt. Deze personen
reageren met blaasjes in de mond, zwelling van de lippen, soms glottisoedeem,
gastro-intestinale bezwaren of zelfs echte anafylaxie bij het eten van bepaalde
fruit- en groentesoorten. Vooral berucht zijn bananen, kastanjes en
kiwi's, naast avocado's, paprika's, papaja's, vijgen, maar ook tomaten en zelfs
aardappelen.
Een verborgen bron van latexallergeen is de ficus, die als sierplant in veel
huizen en werkruimten aangetroffen wordt. In dergelijke ruimten wordt
latexallergeen in het stof teruggevonden
(15,
22).
De diagnose van latexallergie berust op suggestieve klachten, maar dient steeds gestaafd te worden door bijkomend onderzoek (14). Opsporen van specifieke IgE-antistoffen tegen latex in het serum door middel van een RAST-CAP-test is de eerste stap. Dit bloedonderzoek is patiëntvriendelijk en veilig, is zeer specifiek -> 95 % van de personen met een positieve RAST-test zijn effectief latexallergisch - maar heeft als nadeel dat de sensitiviteit eerder laag is: 75 %, zodat een negatieve RAST-test latexallergie zeker niet uitsluit (10). In tweede instantie kunnen bij een negatieve RAST-test huidtesten geplaatst worden. Hierbij worden een kleine scarificatie in de huid en een druppel latexextract aangebracht. Binnen de 20 minuten verschijnt een kleine, jeukende papel bij latexovergevoelige personen. Deze methode is niet alleen specifiek - d.w.z. weinig vals positieven - maar vooral ook veel sensitiever: bij méér dan 90 % van de latexallergische patiënten tekent de huidtest. Is de huidtest toch negatief, en blijft er een sterk vermoeden van latexallergie, dan kan overgegaan worden tot een gebruikstest, waarbij een latexhandschoen wordt aangetrokken en de persoon zijn handen in warm water houdt. Bij het plaatsen van huidtesten is er een klein, maar reëel gevaar voor een systemische reactie (14). Zij blijven dus voorbehouden voor de allergoloog, die dergelijke testen liefst in electieve omstandigheden plaatst.
Bij de algemene bevolking blijft
latexallergie vooralsnog een zeldzaam probleem, met een prevalentie van minder
dan 1 %.
In de literatuur worden de volgende risicogroepen beschreven
(14):
Gemeenschappelijk aan deze drie groepen is
dat zij veel meer blootgesteld worden aan latex dan de doorsneebevolking.
Veelal wordt atopie geciteerd als bijkomende bevorderende factor
(5,
13)
; soms ook contacteczeem omwille van de
huidbeschadiging met betere penetratie van het latexallergeen
(19).
Het staat niet vast dat sensibilisatie voor latex kàn voorkomen worden. Er zijn wel argumenten die dit plausibel maken. Bij kinderen met spina bifida blijkt dat het systematisch gebruik van latexvrije handschoenen en latexvrije katheters sensibilisatie kan voorkomen (8). Het is evenwel onrealistisch te verhopen dat het ganse ziekenhuismilieu latexvrij gemaakt kan worden. Bovendien zijn er ook argumenten om aan te nemen dat het zetmeelpoeder aanwezig op de gewone latexhandschoenen de sensibilisatie bevordert, doordat het als vehiculum optreedt voor het latexallergeen (NB: het poeder zelf is op zich slechts zeer zelden een oorzaak van allergie (9)). Er is immers een drempel voor de hoeveelheid latexallergeen in de lucht die geassocieerd is met het vóórkomen van allergie (3). Bij omschakelen naar poedervrije latexhandschoenen daalt de hoeveelheid latex in de lucht onder de drempel (18), wat gepaard gaat met afname van het IgE bij gesensibiliseerden en met vermindering van klachten (1).
Het gebruik van latexhandschoenen bij niet-steriele vereisten dient zoveel mogelijk beperkt te worden (20). De voorkeur wordt gegeven aan vinyl, behoudens indien latex een bewezen betere beschermingsfunctie heeft. Dit is het geval in de volgende omstandigheden: bij manipulatie van glutaaraldehyde, bij gebruik van chemotherapeutica (21) of bij patiënten die geïsoleerd worden.
Het systematisch gebruik van poedervrije latexhandschoenen in gans het ziekenhuis wordt aangeraden (2, 16, 20) omdat hierdoor minder latexallergeen in de omgeving vrijkomt (11, 17, 18).
Bij patiënten met een gekende latexallergie dient contact met latex strikt vermeden te worden.
Personeelsleden met latexallergie nemen contact op met de arbeidsgeneeskundige dienst
MELD U AAN!
Indien u de folders van het Nederlands Anafylaxis Netwerk
wilt ontvangen of meer wilt weten over Anafylaxie en het Nederlands Anafylaxis
Netwerk dan kunt ondervermelding van uw titel, naam, beroep (specialiteit), en
E-mailadres een mailtje sturen aan
info@anafylaxis.nl.
Daarnaast kunt u zich opgeven om Shock! het Tijdschrift voor de ernstige
allergische reactie te ontvangen, dit verschijnt minimaal drie keer per jaar met
informatie over de ontwikkelingen en onderzoeken op het gebied van allergie,
maar ook de pragmatische aanpak van de omgang na de diagnose.
Het Nederlands Anafylaxis Netwerk heeft een wereldwijd netwerk van experts op
verschillende gebieden die van betekenis zijn voor patiënten met het risico op
Anafylaxie. U kunt hiervan gebruik en deel van uitmaken!!